Wie behoud intern op de agenda wil krijgen, heeft meer nodig dan een goed gevoel. Je hebt cijfers nodig die standhouden als iemand doorvraagt. Daarom verzamelen we hier het onderzoek achter elke fase van de medewerkerreis in de zorg. Nederlandse zorgcijfers eerst, internationaal onderzoek als aanvulling, allemaal gecontroleerd op de bron. Gebruik ze in je memo, je presentatie of je gesprek met het bestuur.
Waarom nu
Vier cijfers die elk gesprek over behoud openen.
261.800. Zo groot is het personeelstekort in zorg en welzijn in 2035, zelfs met al het ingezette beleid. Zonder beleid loopt het op tot 327.700. Bron: ABF Research voor VWS en AZW, Arbeidsmarktprognose zorg en welzijn 2025 tot 2035 (2026).
150.000. Zoveel medewerkers verlieten in één jaar de sector zorg en welzijn, op 1,51 miljoen werknemers. De sector groeit nog, maar lekt. Bron: AZW en CBS, De staat van de arbeidsmarkt zorg en welzijn 2025 (2026).
7,5%. Het ziekteverzuim in de gezondheids- en welzijnszorg, het hoogste van alle bedrijfstakken. Landelijk gemiddelde: 5,4%. In de verpleging en verzorging ligt het rond 9,5%. Bron: CBS StatLine, ziekteverzuim per bedrijfstak 2025; AZW (2026).
€ 30.000. Zoveel kost het vertrek van één zorgmedewerker al snel. Een verzorgende in de VVT: € 32.582, een begeleider in de gehandicaptenzorg: € 30.680. Bron: Berenschot en Utrechtzorg (2024).
De reis in drie fasen
Elke fase van de medewerkerreis kent zijn eigen cijfers. Samen vertellen ze één verhaal: mensen kiezen voor de zorg, maar te veel van hen vertrekken op momenten waarop het te voorkomen was.
Fase 1. Welkom: van handtekening tot de eerste negentig dagen
De grootste lekkage zit bij nieuwe collega's.
Een op de drie starters met minder dan een jaar werkervaring stroomt binnen een jaar weer uit de sector. Onder jonge starters is dat 39%. Bron: AZW, longread Uitstroom in de zorg (2024).
Slechts 19% van de werkgevers zet in op betere inwerktrajecten, terwijl UWV het eerste jaar een "make-or-break"-periode noemt. Bron: UWV (2024).
Met een gestructureerd inwerkprogramma daalde het verloop onder startende verpleegkundigen van bijna 25% naar 12%. Bron: NCSBN, Journal of Nursing Regulation (2015).
Fase 2. Werken en ontwikkelen: informeren, waarderen, luisteren en zien
In de langste fase van de reis gaat het om vier dingen: weten wat er speelt, gezien worden, gehoord worden en op tijd aandacht krijgen.
Informeren en verbinden
Maar de helft van de zorgmedewerkers (50,4%) vindt dat hun leidinggevende weet wat er op de werkvloer speelt. Slechts 21,8% ziet het hoger management daar. Bron: IZZ, Monitor Gezond Werken in de Zorg (2025).
63% van de medewerkers zonder bureau zegt dat boodschappen van de leiding hen niet bereiken. Bron: Microsoft, Work Trend Index (2022).
Alle cijfers over interne communicatie
Waarderen
Erkenning en waardering is het meest genoemde middel dat vertrek had kunnen voorkomen: 17,8% van 22.164 vertrokken zorgprofessionals noemt het spontaan. Bron: Nivel voor RegioPlus (2024).
Bijna een op de drie zorgmedewerkers voelt zich niet gewaardeerd door de leidinggevende. Bron: AZW en CBS, werknemersenquête (2026).
Luisteren
Slechts 54% van de medewerkers in zorg en welzijn ervaart voldoende ondersteuning van de organisatie. Die ervaring daalt in bijna alle branches. Bron: AZW en CBS, werknemersenquête (2026).
Teams die niets doen met de uitkomsten van een medewerkersonderzoek zien hun bevlogenheid gemiddeld 3% dalen. Teams met sterke opvolging stijgen 10%. Bron: Gallup (2006).
Alle cijfer over medewerkersonderzoek
Zien en op tijd handelen
Slechts 8,4% van de vertrokken zorgprofessionals zegt dat niets hun vertrek had kunnen voorkomen. Bron: Nivel voor RegioPlus (2024).
Waar de werkgever aandacht heeft voor duurzame inzetbaarheid zoekt 8% van de medewerkers ander werk. Waar die aandacht ontbreekt is dat 24%. Bron: AZW (2024).
Fase 3. Afscheid: van vertrekker naar ambassadeur
Wie vertrekt, blijft meestal in de zorg. Hoe je afscheid neemt, bepaalt wat die collega over je vertelt.
85% van de vertrekkende zorgprofessionals blijft in zorg en welzijn werken. Van de 15% die de sector verlaat, verwacht 65% terug te keren. Bron: RegioPlus, landelijk uitstroomonderzoek 2024 (2025).
Bijna de helft van de sectorverlaters (47%) wil terug naar de oude werkgever. Bron: RegioPlus, verdieping uitstroomonderzoek (2022).
Slechts 14% van de vertrekkers raadt anderen aan om bij de oude werkgever te gaan werken. Bron: RegioPlus (2022).
Zo gebruik je deze cijfers
Noem altijd bron en jaar. "Volgens het landelijk uitstroomonderzoek van RegioPlus (2025)" overtuigt meer dan "onderzoek toont aan".
Begin met de Nederlandse zorgcijfers. Gebruik internationaal onderzoek als tweede laag en zeg erbij uit welk land het komt.
Houd definities uit elkaar. Uitstroom uit de sector is iets anders dan vertrek bij een werkgever. Bij elk cijfer staat wat het precies meet.
Gebruik de knop "Kopieer met bron". Dan staat de bronvermelding meteen goed in je memo of presentatie.
Hoe we aan deze cijfers komen
Elk cijfer op deze pagina's hebben we teruggezocht in het oorspronkelijke onderzoek. We geven voorrang aan Nederlandse zorgbronnen: CBS, AZW, RegioPlus, Nivel, IZZ, UWV, TNO, SER en Berenschot. Internationaal onderzoek van Gallup en uit wetenschappelijke tijdschriften gebruiken we als aanvulling. Cijfers van softwareleveranciers laten we weg, ook onze eigen. Zodra een bron een nieuwe editie publiceert, werken we de pagina bij.
Van cijfers naar aanpak
Elke fase van de reis heeft bij Sibi een oplossing: Onboarding, Sociaal intranet, Bind, Onderzoeken, Teamzicht en Offboarding. Los van elkaar werken ze prima. Samen volgt de aandacht de medewerker door de hele reis. Bij afname van de gehele medewerkerreis beloven we 10% minder ongewenste uitstroom.
Laatst gecontroleerd: september 2026. Vragen over een cijfer of een bron? Neem contact op.